Op woensdagochtend sta ik in de gang van een basisschool in Amersfoort. “Vandaag alleen groep 3 en 6, want de rest heeft geen leerkracht.” De directeur zegt het met een gelaten gezicht. In het klaslokaal ernaast probeert een invalkracht, die eigenlijk met pensioen is, een groep van 34 kinderen in bedwang te houden. Het is geen incident meer. Dit is de nieuwe realiteit. Terwijl de nood aan leraren toeneemt, raakt het vak op sommige plekken zelfs uit zicht. En toch… toch zeggen steeds meer mensen: “Ik wil lesgeven.” Hoe zit dat?
Het vak verandert sneller dan ooit
Wie denkt aan lesgeven, denkt aan lezen, schrijven en rekenen. Dat is nog steeds zo. Maar ondertussen is het takenpakket breder dan ooit. Je helpt kinderen met hun zelfvertrouwen, je begeleidt ze bij ruzies en je legt uit hoe verkiezingen werken. Het lesrooster bevat tegenwoordig ook burgerschap, wereldoriëntatie en sociaal-emotionele vorming.
Kinderen stellen vragen als: “Mag je eigenlijk alles zeggen wat je denkt?” of “Wat is oorlog eigenlijk?” Je staat daar dan, als docent burgerschap, midden in het gesprek. En nee, dat stond niet in je pabo-boekje. Maar je leert het gaandeweg. Sterker nog: veel leraren vinden juist dát het mooiste onderdeel van hun dag.
Waarom kiezen dan toch zo weinig mensen voor het vak?
Er is iets geks aan de hand. Terwijl lesgeven rijker en betekenisvoller is geworden, blijven de vacatures openstaan. Waarom haken mensen dan toch af?
- De werkdruk is hoog
- De administratie slokt veel tijd op
- Salarissen voelen niet in verhouding tot de verantwoordelijkheid
- De klassen zijn te groot
- Er is te weinig tijd voor persoonlijke aandacht
Veel mensen denken bovendien dat ze niet ‘geschikt’ zijn. Dat ze te oud zijn om nog de overstap te maken. Of dat je altijd een universitaire studie moet hebben gedaan. Dat is onzin. Basisonderwijs draait om mensen die kinderen willen laten groeien. Niet om perfecte cv’s.
Er ontstaat ruimte voor nieuwe perspectieven
Toch komen er langzaamaan nieuwe geluiden. Scholen maken ruimte voor mensen met andere achtergronden. Een kunstenaar die thematisch werkt met kleuters. Een oud-journalist die nu wereldoriëntatie geeft. Of een moeder die de opleiding tot zij-instromer volgt en drie dagen per week meedraait in groep 4.
Deze nieuwe invullingen geven het vak kleur. Ze zorgen voor verdieping én verlichting. En ze trekken mensen aan die zich eerst niet herkenden in het klassieke plaatje van de leraar.
Kinderen zijn hongerig naar betekenis
Wat opvalt: kinderen pikken meer op dan vroeger. Ze stellen grotere vragen en willen begrijpen waarom iets is zoals het is. Dat maakt het werk intensiever maar ook zoveel rijker. Want je praat niet alleen over de Romeinen maar ook over wat macht betekent. Je leest niet alleen een boek maar praat ook over emoties. De les stopt niet bij het lesboek. Die begint daar pas.
Een kleine opsomming van wat het vak zo bijzonder maakt
- Je staat dicht bij het begin van iemands levensverhaal
- Geen dag is hetzelfde
- Je mag creatief zijn en out of the box denken
- Je draagt bij aan een rechtvaardiger samenleving
- Je leert zelf ook elke dag iets nieuws
Er is behoefte aan mensen zoals jij
Steeds meer scholen zeggen: we zoeken mensen met levenservaring. Mensen die kalm blijven als het druk wordt. Mensen die verbinding belangrijk vinden. Die kunnen luisteren en af en toe ook even kunnen lachen als het allemaal niet loopt zoals gepland.
En het mooie is: er zijn steeds meer opleidingsroutes die dat mogelijk maken. Of je nu uit het onderwijs komt of juist uit een totaal andere sector.
Is dit het moment om zelf het verschil te maken?
Heb je weleens gedacht: “Ik zou dat werk misschien ook wel willen doen”? Dan is dit het moment. Want het vak leerkracht is niet meer dat van twintig jaar geleden. Het is menselijker, rijker, veelzijdiger. En juist daarom is het zo zonde dat er te weinig mensen zijn.
Wie weet… sta jij binnenkort voor een klas vol kinderen met grote ogen en nog grotere vragen.

